Moederschip

Over het moederschap in rustig kabbelende golven en in woelige waters

Moederschip

Soorten ouderschap in een notendop

Het minste dat je kan zeggen over opvoeden, is dat het niet eenvoudig is. Er bestaat geen bijbel die je een vlekkeloos parcours doorheen het ouderschap garandeert. Vroeger had je dan misschien wel Dr. Spock, tegenwoordig kan iedere hond met een hoedje op een opvoedingsboek schrijven. En dat maakt het nog ingewikkelder, want iedereen doet maar wat. En wat voor mijn kind werkt, kan helemaal omgekeerd werken voor het jouwe. Toch zijn er een aantal ‘stromingen’ te herkennen binnen het ouderschap, die min of meer richtlijnen geven over hoe je kan opvoeden.

In mijn opleiding kwam het befaamde “kruis der opvoedingsstijlen” aan bod. Er waren twee pijlers hierin belangrijk: genegenheid (of betrokkenheid) en sturing (of controle). Grof geschetst waren er vier stijlen mogelijk: de autoritaire opvoeding, de democratische, de toegeeflijke en de verwaarlozende.

 

 

Het schema zegt genoeg. Het is niet mijn bedoeling om hier een hele les opvoedkunde af te haspelen, maar ik wou dit even schetsen omdat ik denk dat de moderne opvoedingsmethoden ook allemaal binnen dit kruis te kaderen zijn. Alleen zijn er tegenwoordig zoveel tussenopties dat je soms door de bomen het bos niet meer ziet. De zes benaderingen waarover ik sinds ik mama ben het meest hoor, beschrijf ik hieronder.

 

Onvoorwaardelijk opvoeden

Eén van de stromingen die de laatste jaren erg in trek is, is het onvoorwaardelijk opvoeden van Alfie Kohn. Hier gaat het erom om je kind niet voorwaardelijk graag te zien (dus als jij… dan…) Straffen is bijgevolg een no-go, maar ook belonen wordt niet gedaan omdat dat een grote afhankelijkheid teweeg brengt. Je gaat dan voldoen aan verwachtingen van anderen omdat er iets aan vasthangt.

Op korte termijn werkt straffen en belonen vaak wel, maar een kind leert er niets uit op lange termijn. Intrinsiek zal hij dus niet gemotiveerd zijn om zijn gedrag te veranderen. Integendeel: straffen zorgt vaak voor een machtsstrijd met een winnaar en een verliezer (in ons geval eigenlijk altijd met twee verliezers) dus daar is niemand bij gebaat.

Er is wel een verschil tussen straf en een logisch gevolg. Als je kind zijn speelgoed niet opruimt voor het slapengaan, dan moet mama/papa dat doen en is er dus geen tijd meer voor een verhaaltje. Dat is een logische consequentie. In de hoek gaan staan als je je zus hebt geslagen is een straf, want die hangt niet samen met het gebeurde. Een time-out is trouwens zelden een goed idee. Negeren is absoluut not done binnen deze aanpak.

 

Attachment parenting/natuurlijk ouderschap

Van deze stroming is Bowlby met zijn hechtingstheorie zeker een belangrijke grondlegger. Alles draait om het opbouwen van een band met je verzorger. Het gaat erom dat een baby zich goed moet kunnen hechten aan een primaire opvoeder. Dragen in een draagdoek, (borst)voeding op verzoek en samen slapen zijn middelen om een goede hechting tot stand te brengen. Natuurlijk ouderschap wordt vooral toegepast tijdens de eerste levensjaren om een goede basis te krijgen.

 

Aware parenting/bewust ouderschap

Aletha Solter is de psychologe die deze aanpak ontwikkelde. Het basisprincipe is dat kinderen met hun gedrag altijd iets willen duidelijk maken, en dat begint al van in de wieg. Een baby huilt nooit zomaar, er is altijd een onderliggende behoefte (zelfs als dat gewoon nabijheid is). Huilen is dus eerder iets positiefs, en helpt om te ontladen. Het moet zeker niet onderdrukt worden.

Er zijn voor je kind en hem accepteren zoals hij is, is heel belangrijk. Deze band kan je versterken door bvb. verbindend spel, een manier om ouder en kind dichter bij elkaar te brengen.

Je bent je verder niet alleen bewust van je kind, maar ook van jezelf als opvoeder. Jouw eigen geschiedenis speelt altijd mee in je opvoeding. Zelfzorg is daarom ook heel belangrijk.

 

Positief opvoeden

Positieve aandacht geven door veel te praten en te luisteren en veel bij elkaar te zijn is hier de boodschap.

Onder andere de supernanny is grote fan van deze aanpak omdat het heel duidelijk oorzaak-gevolg werkt. Het komt erop neer om te focussen op goed gedrag, en het slechte te negeren. Dit is een aanpak die haaks staat op alles wat hierboven gezegd is.

 

Oplossingsgericht opvoeden

Hierbij ga je kijken naar mogelijkheden en niet naar tekortkomingen: “doe wat werkt”, is de slagzin. Kijk naar wat goed gaat, gebruik de talenten van een kind als kracht en geef veel complimenten, maar wel door het proces te complimenteren en niet het resultaat. (“Wat heb je hard gestudeerd voor die toets!” In plaats van: “Waw, een 9!”)

Je voedt op door veel te praten, je kind zijn gevoelens serieus te nemen en hem te helpen om zelf na te denken.

 

Laat maar waaien

Binnen deze opvoedingsstijl zijn weinig regels, het kind krijgt alle vrijheid over zijn eigen opvoeding.

Je zou deze categorie tegenwoordig kunnen omschrijven als de ‘loedermoeders’, een titel die vaak al lachend gebruikt wordt op sociale media en die al lang geen scheldwoord meer is. Het zijn moeders die heel gemakkelijk kunnen loslaten en zichzelf relativeren. En hebben we dat niet allemaal een beetje nodig? 🙂

 

Uiteraard zijn er combinaties van verschillende methodes mogelijk, en zal iemand nooit voor 100% hetzelfde doen tijdens al die jaren dat de opvoeding duurt. Kleine baby’s hebben ook een andere aanpak nodig dan pubers.

Het is bovendien niet omdat je als moeder/vader een bepaalde denkwijze uitkiest, dat je partner zich ook kan vinden in diezelfde aanpak. Op één lijn raken is niet altijd evident. Maar zolang jullie het eens zijn over de basishouding, geraak je al een heel stuk op weg.

En als het dan tóch lukt om jullie aanpak af te stemmen, is het nog niet gezegd dat dit matcht met hoe je kind in elkaar zit. Dat heb ik al aan den lijve mogen ondervinden. Maar dat is voer voor een aparte blogpost 😉

 

 

Hebben jullie een duidelijke aanpak in dat hele opvoedingsgebeuren, of doen jullie ook maar wat?

7 Antwoorden op “Soorten ouderschap in een notendop”

  • Ik heb ook het gevoel dat ik maar wat doe. 🙂 Het eerste jaar vond ik vrij makkelijk. Ik rolde eigenlijk automatisch in het “natuurlijk ouderschap”. Dat matchte gewoon enorm goed en zorgde voor veel zelfvertrouwen bij mezelf.
    Maar inderdaad, zodra je die basis gelegd heb, moet je jezelf eigenlijk helemaal opnieuw uitvinden zodra ze dus kattenkwaad beginnen uit te halen e.d. Dat vond ik veel minder evident. Het gebeurt nog steeds bitter weinig dat ik tevreden ben met hoe ik bijvoorbeeld een driftbui of ruzie heb aangepakt. In praktijk geraak ik eerder zelf gefrustreerd of over mijn toeren en reageer ik emotioneel waardoor de boel escaleert.

    Vanuit het natuurlijk ouderschap lijkt onvoorwaardelijk ouderschap een logische manier om met lastige situaties om te gaan. Rationeel gezien sta ik enorm achter onvoorwaardelijk ouderschap: ik wil graag dat mijn kinderen intrinsiek gemotiveerd zijn om wat voor gedrag dan ook te stellen of niet te stellen, en dus niet omdat ze anders een beloning of bestraffing kunnen verwachten. Maar hoe je het ook draait of keert: het lukt me gewoon zelden en ik geraak eerder gefrustreerd door wat ik lees op FB-groepen over onvoorwaardelijk ouderschap. Misschien ben ik er te temperamentvol voor. 🙂 In 9 van de 10 situaties eindig ik toch weer met “Als je… dan…” en wordt het een machtsstrijd.

    • Exact dat dus! Dat bedoel ik met ‘als je eigen ideeën niet matchen met hoe je kind in elkaar zit’. Ik ben een poging aan het doen om hierover te schrijven, maar krijg het niet helemaal verwoord haha. Alleszins heel blij om te lezen dat hier nog mama’s mee strugglen 😉

  • Pfff ‘k vind dat zo vermoeiend, al die hokjes en dan de impliciete strijd welk hokje juist is.

    Als ze babies waren deed ik wel veel wat aan attachment parenting toegeschreven werd, maar niet omdat ik daarover gelezen had…wel omdat het zo natuurlijk en fijn aanvoelde om samen te slapen, vaak te voeden enz.

    Welke opvoedingsmethode? Ik ben daar echt niet mee bezig om eerlijk te zijn. Ik doe mijn best en ik doe wat ik denk dat goed is op dat moment…maar als ik moe ben en gestresseerd zal ik anders reageren dan wanneer ik relax en uitgeslapen ben. En soms besef ik achteraf dat sommige reacties niet ideaal waren. Maar ik ben ook maar een mens en dan ga ik sorry zeggen naar mijn kinderen en dat uitleggen. Soms worden ze gestraft en in hoek gezet of zo…daarna krijgen ze knuffel en een uitleg en babbelen we. Soms negeer ik ze. Goede dingen probeer ik wel te benadrukken en zeggen dat ik het leuk vind dat ze dit of dat doen. Daarbij het proces complimenteren en niet het resultaat is een belangrijke maar soms zie ik dat over het hoofd hoor.

    Uiteindelijk doe ik maar wat en ben ik liefst niet in 1 hokje

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *