Moederschip

Over het moederschap in rustig kabbelende golven en in woelige waters

Nina Mouton over Mild Ouderschap

Vorige week woonde ik een lezing bij van Nina Mouton, toch een klein beetje een idool van mij. Ze heeft een eigen praktijk als gezinscoach en krijgt dagelijks te maken met opvoedkundige vragen. Je hebt haar misschien ook al eens op Radio 1 horen spreken.

Nina kwam vertellen over mild ouderschap, een term die ik nog niet eerder gehoord had. Onvoorwaardelijk ouderschap, attachment parenting, responsief ouderschap…daarentegen, met die begrippen is de laatste jaren wél al vaak rond onze oren geslagen. Kort door de bocht (en een beetje uitvergroot, dat zullen mijn trouwe lezers wel weten ;)) betekende dit tot nu toe voor mij eigenlijk alleen maar: dragen tot je rug er van breekt, borstvoeden tot je tepels eraf vallen en samen slapen tot 16 jaar. Wist ik veel. Nina heeft mij die avond anders doen kijken naar deze benadering.

Want daar was Nina dan, met haar vanzelfsprekende -en tegelijk toch ook magische- visie om er gewoon te zijn voor je kind. Uh oké. En daarna? Niets. Daarna komt de rest meestal vanzelf.

Het lijkt simpeler dan het is: ‘er zijn’ voor je kind, is niet alleen maar de fysieke aanwezigheid. Het is vooral inzetten op een emotionele band, en dat doe je door ruimte te laten, emoties te benoemen en het kind laten zijn wie hij is.

Elk “lastig” gedrag heeft meestal een achterliggende wens. En daar wordt niet mee bedoeld: de basisbehoeften van het kind (zoals honger, koe, moe zijn…) De echte achterliggende wens is de reden dat een kind (voor ons) lastig gedrag gaat vertonen. Dit soort gedrag is altijd een signaal (“help mij, ik weet het niet meer”). Er zijn heel uiteenlopende wensen: affectie, autonomie, nabijheid… Aan jou om uit te vissen wat je kind wil en dit te benoemen 🙂

Wat ik hierbij heel opvallend vond, is dat er aangegeven wordt dat je niet kan verwennen met aandacht. Dat vind ik niet zo makkelijk te aanvaarden (enter De Zoon van bijna 2 die het liefst bij ons wil slapen en perfect weet hoe hij dit moet verkrijgen).

Eens je de onderliggende wens kent, kan je gaan benoemen wat je ziet: welk gevoel zit er volgens jou achter het gedrag? Blijf hiervoor bij de basisgevoelens: boos, bang, blij en droevig. Andere gevoelens zijn voor jonge kinderen nog te onduidelijk (bvb. jaloezie).

Laat het gevoel er zijn, neutraliseer het niet zo snel mogelijk omdat jij of iemand anders het lastig vindt (“je moet niet wenen”). “Kinderen hebben recht op hun onrecht”, vond ik een heel mooie stelling deze avond.

Vaak weet een kind van zichzelf al dat bepaalde emoties niet oké zijn en gaan ze een uitweg zoeken. Een heel mooi voorbeeld hiervan is een kind dat mama pijn doet, daar reactie op krijgt en gaat weglopen. Of het kind dat niet wil slapen, heel hard gaat wenen en na een tijdje zegt dat het buikpijn heeft. Zodat het daarom weent en niet omdat het niet wil slapen.

 

 

Deze opvoedkundige benadering is toch echt iets van deze tijd. In de jaren ’50 was er niet veel aandacht voor ouderschap. Je stuurde je kinderen het veld op en hoopte dat er ‘s avonds evenveel terug kwamen.

Toen ik zelf aan mijn studies orthopedagogie begon (2006) was de gedragsmatige aanpak dan weer het summum: straffen en belonen tot je kind helemaal gekneed is zoals jij het wil (in mijn ogen nog steeds een vorm van conditionering die weinig meerwaarde brengt, ze leren er in the end echt niets uit). Ook nu nog worden deze theorieën vaak verkondigd als “het” middel om kinderen op te voeden, denk maar aan de supernanny of de adviezen die ik kreeg bij Kind en Gezin. Tot de stickers mijn oren uitkwamen en ik het helemaal niet meer wist.

Nina Mouton is ook geen voorstander van straffen. Een kind zal wél iets leren als er uit bepaald gedrag een “natuurlijk gevolg” voortvloeit. Bvb.: niet opruimen, dan is er ook geen tijd meer voor een verhaaltje. Het is geen straf als een kind een keuze heeft.

 

 

Voor mij klonk het allemaal heel bekend. Ik reviewde hier onlangs het boek “How2talk2kids”, broers en zussen zonder rivaliteit. Nina verwees ook naar dit boek. Daar stootte ik zowel op “eureka”- als op “bullshit”-momenten, maar dat had ik vanavond niet. Misschien moet Nina zelf maar eens een boek schrijven 🙂

De lezing werd regelmatig onderbroken voor vragen, meestal casussen van wanhopige moeders die zich die avond eens tot 21 uur hadden kunnen wakker houden. En elke vraag beantwoordde Nina met de glimlach (een idool, ik zeg het u). Op de meeste vragen was er een eenduidig antwoord, nl.: ga niet in een machtsstrijd (bij thema’s zoals eten, slapen, driftbuien…) Een heel toepasbaar advies. Niemand wint erbij als je gaat “buigen of barsten”. De beste uitspraak van de avond was voor mij: twee jaar is de meest agressieve leeftijd ever. Amen to that!

En dan was ik daar plots met mijn casus over het aankleeddrama, dat jullie hier al eerder konden lezen. Daarmee heb ik Nina toch wel even stil gekregen, ze had het alleszins nog nooit meegemaakt dat een kind gewoon GEEN kleren wou aandoen. Nog maar eens een bewijs dat Die Dochter van ons een specialleke is. Maar dat probleem hebben we dus uiteindelijk wél met een beloningssysteem kunnen oplossen (van een beetje eclecticisme is nog nooit iemand doodgegaan zeker?)

Hiermee wil ik maar aantonen dat er heel vaak een onderliggende wens zal zijn, maar soms misschien toch ook alleen maar een grote dosis koppigheid.

 

 

Mild ouderschap, allemaal goed en wel. Maar hoe kan je een milde ouder zijn met slaaptekort? Dat schoot onmiddellijk door mijn hoofd. ? Hier lazen jullie al waarom dat voor mij als mama een zeer moeilijk gegeven is. Ook daar wijdt Nina een hoofdstuk aan: zelfzorg is het codewoord. Enkele tips:

  • Wees authentiek, blijf rustig. Ga uit de situatie als je zelf overspoeld dreigt te raken. Kom dan achteraf terug op het gebeurde.
  • Zoek een mama-maatje (check)
  • Hang niet de hele tijd de champetter uit, dat vraagt alleen maar energie van jou en daar leren ze niets uit (behalve bij een kind met de meest agressieve leeftijd ever, natuurlijk.)
  • Zoek uit waarvan je energie krijgt en wat energie vraagt van jou (energievreters). Doe dingen die je ook voor de geboorte van je eerste kind deed.
  • Je kan niet met alles aan de slag, choose your battles. (Dat is er eentje dat ik al goed onder de knie heb!)
  • Bepaal je eigen grenzen: bvb. over veiligheid en gezondheid is geen discussie mogelijk.

Het bepalen van een “hoger doel” kan daarbij helpen: welke waarden en normen wil jij meegeven als ze het huis uit zijn? Is dat waar je nu mee bezig bent daartoe belangrijk? Vaak is wat je NU wil, en wat je later wil heel tegenstrijdig. Een hoger doel kan zijn: ik wil een kind dat voor zijn mening kan opkomen. Wat doe je dan als dat kind geen groenten wil in zijn spaghettisaus… Hij komt toch voor zijn mening op?

Je ziet het, nog veel werk aan de winkel voor mij! Zoals een wijze radiomaker eens gezegd heeft: het ouderschap is roeien met de riemen die 37 keer per dag in het water vallen. En ook dat is mild ouderschap. Ik onthoud: perfecte ouders bestaan niet, milde ouders wel.

Na de theorie zal ik me nu eens echt moeten beginnen focussen op de praktijk.

Een inspirerende madam, die Nina!

 

 

4 Antwoorden op “Nina Mouton over Mild Ouderschap”

Geef een reactie

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *